Pijler I: Technologische ontwikkeling
Nieuwe instrumenten voor meer gedetailleerde luchtmetingen
Doelstelling en motivatie
In Pijler I ontwikkelen we nieuwe en verbeterde technologieën voor het meten van de stoffen in de lucht waaraan mensen in hun dagelijks leven blootstaan. We noemen dit ook wel de luchtcomponent van het exposoom. Maatschappelijke veranderingen, zoals de overstap naar elektrisch rijden en het verminderde gebruik van fossiele brandstoffen, beïnvloeden onze blootstelling aan vervuilde lucht. Op dit moment hebben we niet de middelen om in genoeg detail te meten hoe de samenstelling en eigenschappen van de lucht in ruimte en tijd variëren, om goed te begrijpen waaraan mensen worden blootgesteld. Dit maakt het moeilijk om het verband tussen blootstelling en schade te onderzoeken.
Activiteiten en methoden
We leveren hulpmiddelen waarmee we chemische en biologische stoffen in de lucht gedetailleerder kunnen verzamelen en meten en verontreinigende stoffen beter kunnen karakteriseren. Deze middelen zijn nauwkeurig, schaalbaar, gebruiksvriendelijk en eenvoudig te combineren met andere methoden. Voorbeelden hiervan zijn allergenscreeningtests, scans die het exposoom in kaart brengen door stoffen in de lucht te identificeren met massaspectrometrie, en microspectroscopische technieken die licht gebruiken om kleine deeltjes te onderzoeken. Hoewel deze technologieën zijn ontwikkeld voor metingen aan lucht, kunnen sommige ook worden toegepast om blootstelling via voedsel, water en bodem te onderzoeken.
Impact en rol in ExpACT
Deze nieuwe instrumenten helpen ons te begrijpen hoe blootstelling aan stoffen in de lucht samenhangt met gezondheidseffecten. Burgers, overheden en bedrijven gebruiken de instrumenten om de luchtkwaliteit in realtime te meten binnen in verschillende contexten in Pijler III: de stad, het platteland, een industriële omgeving en de werkplek. Dit geeft hen gedetailleerde en relevante kennis om weloverwogen beslissingen te nemen en maatregelen te treffen zodat onze blootstelling aan schadelijke stoffen te vermindert. Interacties met Pijler II en Pijler III zorgen ervoor dat de gebruikers van de instrumenten vanaf het begin zijn betrokken bij de ontwikkeling. Hierdoor zullen de instrumenten in de praktijk sneller worden vertrouwd en toegepast.


